Bijzondere Manoeuvres (Artikel 54 RVV)
Wat is een Bijzondere Manoeuvre?
Volgens Artikel 54 RVV 1990 zijn de volgende handelingen bijzondere manoeuvres:
- Wegrijden vanaf de kant van de weg of uit parkeerstand
- Achteruitrijden
- Keren (driehoekssteek of U-bocht)
- Een inrit oprijden of een uitrit verlaten
- Het passeren van een uitritconstructie (doorlopend trottoir)
- Wisselen van rijstrook
- Invoegen en uitrijden
De Gouden Regel
Bij ELKE bijzondere manoeuvre moet je AL HET VERKEER voor laten gaan.
- Dit geldt dus voor zowel bestuurders als voetgangers!
- Voeren twee bestuurders gelijktijdig een bijzondere manoeuvre uit (bijv. beiden achteruit uit een parkeervak), dan heeft niemand voorrang en los je dit samen op.
Wettelijke Kernregels (RVV 1990)
- Bijzondere manoeuvres zijn: wegrijden, achteruitrijden, keren, uit een uitrit de weg oprijden en wisselen van rijstrook.
- Bij een bijzondere manoeuvre moet je AL het verkeer voor laten gaan (bestuurders én voetgangers).
- Een uitritconstructie heeft een doorlopend trottoir of inritblokken: het verlaten hiervan geldt als bijzondere manoeuvre.
- Geef altijd tijdig richting aan.
Bij een bijzondere manoeuvre moet je AL het verkeer voor laten gaan, dus óók overstekende voetgangers en fietsers!
Toets je Kennis (4Vragen)
Test direct wat je zojuist hebt gelezen met CBR-examenvragen. Antwoorden worden direct nagekeken en opgeslagen in je voortgang.
Onder welke omstandigheden mag je volgens de verkeersregels stilstaan op de vluchtstrook van een autosnelweg?
Waarom is het voeren van het mistachterlicht bij zware regenval wettelijk verboden in Nederland?
Bij een zicht van minder dan hoeveel meter door mist of sneeuwval mag je het mistachterlicht voeren? Vul het aantal meters in.
Je rijdt op een kletsnatte snelweg met 90 km/u en je auto begint plotseling te aquaplanen (stuurgevoel valt weg, banden drijven op water). Wat is de juiste handeling?